Dieren en het sjamanisme
In het sjamanisme eerst men al het leven, dus ook de dieren en dan ook alle dieren, want men is overtuigt van het gegeven, dat alle dieren bepaalde krachten en talenten hebben. Een dier doden mag, maar dan moet men van het dier alles gebruiken wat maar nodig is, zodat er niets verspild wordt; er is hierop een uitzondering en dat is het bloed, dit moet teruggegeven worden aan moeder aarde. Sjamanen zien dit dan ook niet als verspilling, maar slechts als levenbrengend vocht voor de planten, met een heleboel voedingsstoffen, zodat de planten hier weer van gaan groeien, zodat de cirkel weer rond is. Als een sjamaan vlees gaat eten, dan dankt hij of zij dan ook eerst het dier, voor de opoffering. Buiten het eten en doden van dieren is het voor de sjamaan vele malen belangerijker om de dieren en dus de natuur te helpen en te helen waar nodig. Een sjamaan zal dus alles in het werk stellen, om doden van dieren te voorkomen, eerder zal hij of zij een dier juist proberen beter te maken. Ook bestaan er zogenaamde totem- of krachtdieren, maar dit is weer een ander onderwerp, zie hiervoor het betreffende onderwerp op deze site.
Met gemeende en vriendelijke groeten,
Nature’s way |
